Overslaan naar inhoud
Vragen

Veelgestelde vragen

Alle antwoorden op de vragen die we het vaakst krijgen, per dienst gebundeld. Kies hieronder een thema om enkel die vragen te zien, of laat “Alles” aan staan om ze allemaal te doorzoeken. Staat je vraag er niet bij? Bel gerust +32 488 10 57 35.

Ja, dat is het uitgangspunt. Asbestattest, EPC, keuring van de elektrische installatie en stookolietank plannen we in hetzelfde tijdsblok; bij nieuwbouw geldt dat voor riolering en waterinstallatie. Je hebt één aanspreekpunt voor het hele dossier en krijgt één factuur.
Zodra je boekt. Je kiest online een datum en die is meteen bevestigd — geen “we nemen zo snel mogelijk contact op”, geen bevestiging achteraf. Wat je vooraf moet klaarleggen, krijg je in de bevestigingsmail.
Elke prijs staat vooraf op de prijzenpagina, per dienst en per combinatie. Wat je daar ziet, is wat je betaalt: er komen na het bezoek geen kosten bij. Het zijn eenheidsprijzen: komen er bijkomende stalen bij, dan worden die per staal aangerekend. Voor een woning boven 600 m² en voor professionele opdrachten werken we op offerte.
De prijs hangt af van het type pand: een appartement, of een woning tot 250 m², van 250 tot 400 m² of van 400 tot 600 m². De verplichte labo-analyses en de OVAM-retributie zitten erin. Je ziet de prijs vooraf op de prijzenpagina, en na het bezoek komen er geen kosten bij. Het zijn eenheidsprijzen: komen er bijkomende stalen bij, dan worden die per staal aangerekend. Voor een woning boven 600 m² krijg je een offerte.
Tien jaar is de standaard, maar bij materialen met een hoog risico is het vijf jaar. Een attest van 8 april 2024 of later waarin geen enkel asbesthoudend materiaal werd vastgesteld, blijft onbeperkt geldig.
Ja, voor elke toegankelijke constructie van vóór 2001 vanaf 20 m², zowel bij verkoop als bij schenking. Bij een erfenis is er geen attest nodig.
De oppervlaktes van alle toegankelijke constructies van vóór 2001 op hetzelfde perceel tellen samen op. Een tuinhuis van 12 m² naast een garage van 15 m² is samen 27 m² — dus attestplichtig, ook al haalt geen van beide de drempel apart.
Een vrijblijvend bod kan zonder attest. Een document dat juridisch een bindende aan- en verkoopbelofte is, vraagt het attest wél al — ongeacht hoe het genoemd wordt. Bij de compromis moet het er sowieso zijn. Ons advies: laat het attest liefst opmaken vóór je biedingen ontvangt.
Nee. Bij zo'n overdracht blijft de vennootschap eigenaar van het gebouw, dus verandert er niets aan de attestplicht. Heb je als vennootschap meerdere panden in portefeuille? Neem contact met ons op voor een aanpak op maat.
Dan vermeldt het attest waar het zit, in welke hoeveelheid en in welke toestand, met een inschatting van het risico. Je bent niet verplicht het meteen te laten verwijderen — het attest is een vaststelling, geen saneringsplicht.
Zolder, kelder, berging en meterkast moeten toegankelijk zijn. Het bezoek zelf duurt meestal enkele uren.
Uiterlijk op 31 december 2026, voor elk gebouw in mede-eigendom met bouwjaar vóór 2001, ook zonder geplande verkoop. Vanaf 1 januari 2027 moet het attest bovendien bij elke overdracht van een appartement bezorgd worden, bij een verkoop ten laatste bij het compromis, samen met het attest van het privatief.
De vereniging van mede-eigenaars, in de praktijk via de syndicus, na een beslissing van de algemene vergadering. Is er geen syndicus, dan regelen de mede-eigenaars het samen. De factuur is voor de VME, niet voor de individuele eigenaars.
Alle gemeenschappelijke delen: inkomhal, trappenhal, lift, kelders en bergingen, technische ruimtes en stookplaats, gevels, dak en dakgoten, leidingisolatie en buitenaanleg. Het onderzoek is niet-destructief: enkel zichtbare en bereikbare materialen worden beoordeeld, met staalnames waar dat nodig is. Materialen achter andere materialen worden niet opengemaakt.
Nee. Het onderzoek gaat enkel over de gemene delen. De syndicus of een mede-eigenaar zorgt voor toegang tot de technische ruimtes, de kelders en het dak. Privatieve delen worden niet betreden; daarvoor bestaat het aparte asbestattest per appartement.
Tien jaar. Zijn er materialen met een hoog risico vastgesteld, dan vijf jaar. Werd er tijdens de rondgang geen asbestverdacht materiaal vastgesteld, dan is het attest sinds 8 april 2024 onbeperkt geldig. De geldigheidsdatum staat op het attest.
Vanaf 1 januari 2027 wel: dan moeten beide attesten aan de koper bezorgd worden. Tot 31 december 2026 volstaat het attest van je appartement, maar de VME moet tegen die datum sowieso het attest van de gemene delen hebben.
Dan zegt het attest welk materiaal het is, in welke staat en welk risico het inhoudt, en welke beheersmaatregelen de VME neemt. In de meeste gevallen is dat gewoon: het materiaal laten zitten en in goede staat houden. Verwijderen is enkel nodig bij beschadigd of hoogrisicomateriaal, of vóór renovatiewerken. We lichten het rapport toe op de algemene vergadering als u dat wenst.
De prijs hangt af van het gebouw: het aantal kavels, de technische ruimtes en het aantal staalnames. U krijgt binnen 24 uur een offerte met een vaste prijs en een datum, zonder verrassingen achteraf.
De prijs hangt af van het type: studio of appartement, rijwoning, halfopen of open bebouwing. Voor gemeenschappelijke delen of een niet-residentieel pand neem je contact op. Bij RADI zie je vooraf wat het kost, samen met je andere attesten, op de prijzenpagina. Er komen na het bezoek geen extra kosten bij.
Tien jaar na de opmaak, voor een woning én voor de gemeenschappelijke delen. Twee uitzonderingen: bij verkoop moet het EPC opgemaakt zijn in 2019 of later, en een EPC voor een groot niet-residentieel gebouw is vijf jaar geldig. Verbouw je grondig — nieuw dak, nieuwe ketel, extra isolatie — dan loont een nieuw EPC, want je label verbetert.
Bij verhuur wel, tot tien jaar na de opmaak. Bij verkoop niet: sinds 2022 moet het EPC bij een verkoop opgemaakt zijn in 2019 of later, omdat pas vanaf dan het huidige label van A+ tot F erop staat. De geldigheidsdatum vind je onderaan je attest. EPC's opgemaakt vóór 2019 moeten bij verkoop vervangen worden door een nieuw EPC.
Ja. Zodra je een woning, appartement of studio publiek te huur aanbiedt, moet er een geldig EPC zijn en moeten het label en de energiescore in de advertentie staan. Dat geldt ook voor een vakantiewoning die je twee maanden of langer verhuurt. Zonder EPC riskeer je een boete van 500 tot 5.000 euro.
EPB is de energieprestatieregelgeving voor nieuwbouw en ingrijpende renovaties: de eisen waaraan een nieuw gebouw moet voldoen, afgerond met een EPB-aangifte door de EPB-verslaggever. Uit die aangifte volgt automatisch een EPC Bouw. Een EPC voor een bestaande woning wordt apart opgemaakt door een energiedeskundige type A, op basis van een bezoek ter plaatse.
Bij een schenking wel, bij een erfenis niet. Sinds 1 mei 2023 is een geldig EPC verplicht bij elke notariële overdracht in volle eigendom: verkoop, schenking, ruil, inbreng in een vennootschap en de vestiging van erfpacht of opstalrecht. Een erfenis valt daar niet onder. Schenk je een gebouw van vóór 2001, dan heb je bovendien een asbestattest nodig — beide regelen we in één bezoek.
Bij verkoop of verhuur van een appartement heb je een EPC voor het appartement zelf nodig. Daarnaast moet de vereniging van mede-eigenaars een EPC voor de gemeenschappelijke delen hebben — sinds 2024 voor elk gebouw met minstens twee wooneenheden. Dat tweede EPC vraag je niet zelf aan; de syndicus regelt het voor het hele gebouw.
Het EPC zelf zegt het: onderaan staan aanbevelingen, gerangschikt naar effect. Meestal wegen dakisolatie, beglazing en het vervangen van een oude ketel het zwaarst. Vaak is er ook winst zonder werken: isolatie die er al is maar niet bewezen werd, telt pas mee zodra je de factuur of foto's kunt voorleggen. Laat dus eerst je bewijsstukken nakijken vóór je verbouwt.
Na je boeking krijg je een mail met precies wat we nodig hebben: facturen of foto's van isolatiewerken, technische fiches van ketel, warmtepomp of zonnepanelen, en je vorig EPC of EPB-aangifte als je die hebt. Zorg dat zolder, kelder, stookplaats en meterkast toegankelijk zijn.
Dat hangt af van de bestemming en de oppervlakte van het gebouw. Publieke gebouwen hebben een EPC nodig sinds 1 januari 2024, niet-residentiële gebouwen groter dan 1.000 m² sinds 1 januari 2025 en gebouwen kleiner dan 1.000 m² sinds 1 januari 2026 — los van verkoop of verhuur. Bij een notariële overdracht is steeds een EPC nodig. Contacteer ons gerust, dan bekijken we dit graag voor je.
Het EPC is verplicht bij de verkoop, verhuur of overdracht van een niet-residentieel gebouw, en voor de meeste gebouwen intussen ook zonder transactie. Het helpt je om aan de wetgeving te voldoen en toont welke ingrepen je energiekosten verlagen en je bedrijfsvoering duurzamer maken.
Een EPC voor een groot niet-residentieel gebouw is vijf jaar geldig, voor een kleine niet-residentiële eenheid tien jaar, tenzij er intussen significante wijzigingen aan het gebouw worden aangebracht. Het is raadzaam om het certificaat te vernieuwen bij grote renovaties of aanpassingen, want die verbeteren meestal je label.
Het VEKA kan een administratieve boete opleggen van 500 tot 5.000 euro. Betalen ontslaat je niet van de plicht: het EPC moet alsnog opgemaakt worden. Bovendien kan de koper de ontbrekende informatie later tegen je gebruiken. Een EPC laten opmaken is altijd goedkoper dan de boete.
Alleen als je installatie dateert van vóór 1 oktober 1981 en er geen geldig keuringsverslag is. Heb je een gunstig verslag van minder dan 25 jaar oud, dan bezorg je dat aan de koper en is een nieuwe keuring niet nodig. Wordt de woning gesloopt of volledig gerenoveerd, dan kunnen koper en verkoper afspreken dat de keuring wegvalt; dat wordt in de akte opgenomen.
Ja. Een negatief verslag blokkeert de verkoop niet. Het wordt bij de akte aan de koper overhandigd, en die heeft achttien maanden vanaf de aktedatum om de installatie in orde te laten brengen en opnieuw te laten keuren door een erkend controleorganisme naar keuze. In de praktijk weegt een negatief verslag wel mee in de prijsonderhandeling.
Vijfentwintig jaar. Na een gunstige controle moet de installatie om de 25 jaar opnieuw gekeurd worden. Er bestaat geen apart verkoopattest: bij een verkoop overhandig je het bestaande verslag met de datum van de volgende periodieke controle erop. Is de installatie sindsdien ingrijpend gewijzigd, dan is een nieuwe keuring nodig.
De zekeringkast, de aarding en de aardingsweerstand, de differentieelschakelaars, de doorsnede en bescherming van de kabels, de stopcontacten en de veiligheid in vochtige ruimtes. De keurder vergelijkt de installatie met je eendraadsschema en situatieschema en noteert elke inbreuk op het AREI in het verslag.
Je eendraadsschema en situatieschema, en vorige keuringsverslagen als je die hebt. Heb je geen schema's, dan volstaat een summiere beschrijving met een schets. Zorg dat de zekeringkast en alle ruimtes bereikbaar zijn en dat de stroom aan staat. Na je boeking krijg je een mail met precies wat we nodig hebben.
Ja. Een huurwoning moet een gekeurde elektrische installatie hebben, en het verslag moet conform zijn: anders dan bij een verkoop volstaat een negatief verslag niet. Zijn er inbreuken, dan laat je ze wegwerken en herkeuren vóór je verhuurt. Het conforme verslag bewaar je in je huurdossier; een woningcontroleur vraagt het op.
Een ontbrekende of onvoldoende differentieelschakelaar, een aarding die niet meetbaar is of te hoge weerstand heeft, stopcontacten zonder aarding in vochtige ruimtes, en ontbrekende of foute schema's. De meeste inbreuken zijn door een elektricien snel op te lossen; het verslag zegt precies welke.
We keuren enkel huishoudelijke installaties. Je ziet de prijs vooraf op de prijzenpagina, ook in combinatie met je andere attesten. Er komen na het bezoek geen kosten bij.
Er is geen wettelijke keuringsplicht bij verkoop, maar de notaris vraagt het geldige keuringsattest of het attest van buitengebruikstelling op, en de koper wil weten of de tank in orde is. Een ondergrondse tank moet sowieso om de vijf jaar gekeurd zijn. Ontbreekt het attest, dan laat je de tank best keuren vóór de woning te koop staat.
Een ondergrondse particuliere tank om de vijf jaar. Een bovengrondse particuliere tank (minder dan 5.000 kg) moet sinds 1 maart 2009 niet meer periodiek gekeurd worden, als het laatste attest een einddatum van 1 maart 2009 of later vermeldt. Elke nieuwe tank moet gekeurd worden vóór de eerste vulling. Grotere tanks en tanks in appartementsgebouwen volgen andere termijnen.
Groen: de tank is conform en mag gevuld worden. Oranje: de tank is niet volledig in orde, maar er is geen risico op verontreiniging buiten de tank; vullen mag, herstellen moet. Rood: de tank is niet conform en mag niet gevuld worden tot ze hersteld en opnieuw gekeurd is; anders moet ze buiten gebruik gesteld worden.
Dan mag de leverancier de tank niet meer vullen. Je laat de gebreken herstellen en de tank opnieuw keuren, of je laat ze buiten gebruik stellen. Het keuringsattest zegt precies welke gebreken vastgesteld zijn, zodat je weet wat je aan je installateur vraagt.
Ze buiten gebruik laten stellen door een erkende technicus. Een ondergrondse tank wordt leeggemaakt en gereinigd en binnen de 36 maanden verwijderd of opgevuld met een inert materiaal; een bovengrondse tank wordt leeggemaakt, gereinigd en bij voorkeur verwijderd. Je krijgt een attest van buitengebruikstelling, dat je bewaart voor een latere verkoop.
De dichtheid van de tank en de leidingen, de overvulbeveiliging, de staat van het mangat of de vulleiding, de lekdetectie als die er is en de omgeving van de tank. Bij een ondergrondse tank hoort ook een dichtheidsproef. De technicus noteert het resultaat op het attest en hangt de merkplaat aan de vulleiding.
Je vorige keuringsattest als je het hebt, en de toegang tot de tank: het mangat, de vulleiding en de ruimte rond de tank moeten bereikbaar zijn. Na je boeking krijg je een mail met precies wat we nodig hebben.
De prijs hangt af van het type tank, ondergronds of bovengronds, en van de combinatie met je andere attesten. Bij RADI zie je vooraf wat het kost, op de prijzenpagina. Er komen na het bezoek geen kosten bij.
Nee. Een asbestattest is niet-destructief en beoordeelt enkel wat zichtbaar is; het is bedoeld voor een verkoop. Bij werken moet ook onderzocht worden wat achter wanden, onder vloeren en in kokers zit. Daarvoor dient de destructieve asbestinventaris. Het asbestattest is wel een goed vertrekpunt: wat daarin staat, hoeft niet opnieuw onderzocht te worden.
Vóór elke renovatie of sloop met aannemers aan een gebouw van vóór 2001: de aannemer mag volgens de welzijnswetgeving niet starten zonder de inventaris. Bij vergunningsplichtige sloop of renovatie van niet-residentiële gebouwen boven 1.000 m³, residentiële gebouwen boven 5.000 m³ (eengezinswoningen uitgezonderd) en infrastructuurwerken met meer dan 250 m³ puin hoort ze bovendien verplicht bij het sloopopvolgingsplan.
Een plan dat vóór de sloop beschrijft welke materialen vrijkomen en hoe ze gescheiden worden afgevoerd. Het hoort bij de omgevingsvergunning voor grotere sloop- en renovatiewerken en wordt opgevolgd door een erkende sloopbeheerorganisatie, die na de werken een sloopattest aflevert. De destructieve asbestinventaris is er een verplicht onderdeel van.
Alles wat in de zone van de werken asbest kan verbergen: verlaagde plafonds, vloeropbouwen, kokers, leidingisolatie, dichtingen achter toestellen, wand- en dakopbouwen. De openingen blijven beperkt tot wat nodig is om een staal te nemen en worden zichtbaar gelaten voor de aannemer.
Nee. De zone van de werken moet toegankelijk zijn; de rest van het gebouw kan in gebruik blijven. Bij een gebouw met personeel spreken we het tijdstip af zodat het onderzoek de werking niet stoort.
Elk staal gaat naar een geaccrediteerd laboratorium dat vaststelt of en welk type asbest het bevat. Het resultaat staat per materiaal in de inventaris, met de plaats op het plan en een foto. Zo weet de sloper precies welk materiaal hij moet verwijderen en hoe.
Dat hangt af van het materiaal. Hechtgebonden asbest in goede staat mag met eenvoudige handelingen verwijderd worden door een aannemer met de juiste opleiding; losgebonden asbest en beschadigd materiaal moeten door een erkende asbestverwijderaar weggenomen worden. De inventaris zegt per materiaal welke methode van toepassing is.
De prijs hangt af van de grootte van de zone van de werken en het aantal staalnames. U krijgt binnen 24 uur een offerte met een vaste prijs, inclusief laboanalyses, en een datum.
Er wordt op een beperkte, onopvallende plek voorzichtig materiaal weggenomen voor analyse. We werken zo gericht mogelijk om de impact tot een minimum te beperken.
Ja. Elke werkgever moet een inventaris hebben van alle asbesthoudende materialen in de gebouwen en op de arbeidsplaatsen waar zijn werknemers werken, ongeacht het bouwjaar. De verplichting staat in de Codex over het welzijn op het werk en geldt sinds 1995. In een gebouw zonder asbest stelt de inventaris dat vast.
Het asbestattest is een Vlaamse verplichting bij verkoop van een gebouw van vóór 2001, niet-destructief en gericht op de koper. De werkgeversinventaris is een federale verplichting uit de welzijnswetgeving, gericht op de bescherming van werknemers, geldt voor elk bouwjaar en moet jaarlijks geactualiseerd worden. Het ene document vervangt het andere niet.
Minstens één keer per jaar, en telkens wanneer de toestand van een materiaal verandert of wanneer er werken gepland zijn. Bij de jaarlijkse actualisatie wordt de staat van elk geïnventariseerd materiaal gecontroleerd en het beheersprogramma bijgestuurd.
Het plan dat bij de inventaris hoort zodra er asbest aanwezig is. Het beschrijft hoe u blootstelling van werknemers vermijdt: welke materialen u laat zitten en in goede staat houdt, welke u verwijdert en wanneer, en welke maatregelen gelden bij werken in de buurt van asbest. De preventieadviseur en de arbeidsarts geven er advies over; het comité krijgt het voorgelegd.
Dan moet u hem vóór de start de inventaris bezorgen, tegen ontvangstbewijs, en de inventaris destructief laten aanvullen voor de zone van de werken als daar verborgen asbest kan zitten. Een aannemer mag niet starten zonder die informatie.
Nee. De inventaris blijft in het bedrijf, ter beschikking van de preventieadviseur, het comité, de arbeidsarts, de werknemers en de arbeidsinspectie. Bij een controle moet u ze kunnen voorleggen, samen met het bewijs van de jaarlijkse actualisatie.
Ja. De rondgang gebeurt op een afgesproken tijdstip en verstoort de werking niet. Enkel de ruimtes en technische installaties moeten toegankelijk zijn. Voor staalnames wordt de omgeving telkens afgeschermd.
De prijs hangt af van de oppervlakte, het aantal gebouwen en het aantal staalnames. U krijgt binnen 24 uur een offerte met een vaste prijs voor de eerste inventaris en een aparte prijs voor de jaarlijkse actualisatie.
Nee. Het Algemeen Waterverkoopreglement voorziet geen keuring bij verkoop. Een keuring is verplicht bij nieuwbouw of herbouw, bij een nieuwe of bijkomende aansluiting, bij een verplichte afkoppeling, bij plaatsing van een IBA en na een vastgestelde inbreuk. Een koper mag er wel om vragen, en steeds meer notarissen doen dat. Laat je vrijwillig keuren vóór de verkoop, dan combineren we dat met je asbestattest en EPC.
Het attest heeft geen vervaldatum: het beschrijft je installatie op de dag van de keuring. Een nieuwe keuring is enkel nodig bij een grote wijziging aan je rioleringsstelsel, zoals een bijkomende aansluiting. Wordt je straat afgekoppeld, dan volstaat een conform attest van maximaal vijf jaar oud.
Het attest vermeldt welke inbreuken er zijn en binnen welke termijn je ze moet herstellen. Daarna volgt een herkeuring ter plaatse; een controle op foto's is niet toegestaan. Bij nieuwbouw moet je herstellen vóór de eerste ingebruikname of binnen 60 dagen, anders kan de rioolbeheerder de aansluiting op de openbare riolering weigeren.
Dat bepaalt de gewestelijke hemelwaterverordening van 2023 op basis van je dakoppervlakte: tot 80 m² minstens 5.000 liter, van 80 tot 120 m² 7.500 liter, van 120 tot 200 m² 10.000 liter, en daarboven 100 liter per m². De put moet aangesloten zijn op minstens je wc, wasmachine en een buitenkraan, en de overloop moet naar een infiltratievoorziening gaan.
Wanneer de riolering in je straat wordt aangesloten op een waterzuiveringsinstallatie, moet je op je perceel regenwater en afvalwater scheiden volgens het advies van de afkoppelingsadviseur. Na die afkoppelingswerken is een keuring verplicht: de keurder controleert of alles gescheiden is zoals in dat advies staat, zodat er geen regenwater meer naar de zuivering gaat. Heb je al een conform attest van minder dan vijf jaar oud, dan hoef je niet opnieuw te laten keuren.
Een IBA is een individuele behandelingsinstallatie voor afvalwater: een kleine zuivering op je eigen perceel, voor woningen in het buitengebied waar nooit riolering komt. Op het zoneringsplan van je gemeente is dat de rode zone. Bij nieuwbouw is een IBA daar meteen verplicht; voor bestaande woningen legt de gemeente de timing vast. De plaatsing wordt afgesloten met een keuring.
Ja, en bij nieuwbouw is dat de logische combinatie: beide attesten zijn nodig vóór je aangesloten wordt. RADI keurt beide in één bezoek, met twee aparte attesten en één factuur.
De prijs hangt af van het type keuring — nieuwbouw, afkoppeling, IBA of herkeuring — en van de grootte van het perceel of gebouw. Voor een eengezinswoning zie je de prijs vooraf op de prijzenpagina, ook in combinatie met de keuring van de waterinstallatie. Voor bedrijfspanden werken we op offerte.
Je rioleringsplan zoals uitgevoerd, je omgevingsvergunning met de aanstiplijst hemelwater, en foto's of facturen van de aanleg. Zorg dat alle putdeksels open kunnen, dat de leidingen vrij zijn van zand, en dat er water en elektriciteit is. De riolering moet volledig aangelegd zijn, dakgoten inbegrepen — een halve installatie kan niet gekeurd worden.
Alleen een erkend keurder privéwaterafvoer. Hij registreert het attest digitaal, waarna het automatisch bij je rioolbeheerder terechtkomt. Renaat is erkend keurder en voert de keuringen van RADI zelf uit.
Nee. Het Algemeen Waterverkoopreglement legt de keuring op bij nieuwbouw, bij een belangrijke wijziging, bij heringebruikname na een afsluiting wegens gezondheidsrisico en na een inbreuk — niet bij verkoop. Is je installatie sinds de laatste keuring ingrijpend veranderd, dan is een nieuwe keuring wél nodig.
Sinds 1 juli 2011. Toen werd de keuringsplicht opgenomen in het Algemeen Waterverkoopreglement van de Vlaamse overheid. Sindsdien moet elke nieuwe binneninstallatie gekeurd worden vóór de eerste ingebruikname, en elke belangrijke wijziging vóór je ze gebruikt. Zonder conform attest kan het drinkwaterbedrijf de aansluiting weigeren of afsluiten.
De inventaris is de ondertekende lijst van alle tappunten en toestellen op je installatie, met per toestel de beveiliging. Normaal maakt je sanitairinstallateur ze op, digitaal. Zonder inventaris en uitvoeringsplan kan de keuring niet doorgaan.
Zodra de installatie afgewerkt is en vóór je ze in gebruik neemt — bij nieuwbouw dus vóór je verhuisdatum. De keurder dient het attest binnen vijf werkdagen digitaal in en je drinkwaterbedrijf krijgt het automatisch. Bij nieuwbouw moet ook je riolering conform gekeurd zijn; RADI keurt beide in hetzelfde bezoek.
Het attest vermeldt de inbreuken en de hersteltermijn. Bij een kleine afwijking kan het attest “conform met herstelmaatregelen” zijn; bij een echte inbreuk volgt een herkeuring na de herstelwerken. Zolang er geen conform attest is, kan het drinkwaterbedrijf de aansluiting weigeren. De meeste inbreuken — een ontbrekende keerklep, een bijvulling zonder onderbreking — zijn snel te herstellen.
Ja. Een waterontharder, een drukverhoging, een bijvulsysteem, een zwembad of een nieuwe badkamer gelden als belangrijke wijziging van je installatie. Het nieuwe deel moet gekeurd worden, ook als de rest van de installatie eerder al gekeurd werd.
De prijs hangt af van de grootte van de installatie en van de combinatie met de rioleringskeuring. Voor een eengezinswoning zie je de prijs vooraf op de prijzenpagina. Voor bedrijfsgebouwen werken we op offerte.
Alleen een erkend keurder, met een opleiding, een theorie- en praktijkexamen, een uniek erkenningsnummer en jaarlijkse bijscholing. Een keurder mag niet betrokken geweest zijn bij het ontwerp of de uitvoering van de installatie die hij keurt. Renaat voert de keuringen van RADI zelf uit als erkend keurder.
Bij nieuwbouw en bij een ingrijpende energetische renovatie hoort een ventilatieprestatieverslag bij de EPB-aangifte. RADI maakt dat verslag enkel op voor professionele klanten die bij ons ook de keuring van de riolering en de waterinstallatie laten uitvoeren. U vraagt het telefonisch aan op +32 488 10 57 35.
We meten de luchtdebieten per ruimte en controleren of toevoer-, afvoer- en transferopeningen voldoen aan de vereisten van het ventilatiesysteem dat werd geïnstalleerd.
U krijgt een overzicht van de afwijkingen en concreet advies om ze te verhelpen. Na de aanpassing meten we opnieuw.
Zodra je een woning, appartement of studio publiek te koop of te huur aanbiedt — dus al bij de advertentie — en sinds 1 mei 2023 bij elke notariële overdracht in volle eigendom, schenking inbegrepen. Bij een erfenis niet. Zonder EPC riskeer je een boete van 500 tot 5.000 euro, en het EPC moet daarna alsnog opgemaakt worden.
Koop je een woning met energielabel E of F, dan moet je die binnen zes jaar na de notariële akte renoveren tot minstens label D. De plicht geldt voor elke aankoop sinds 1 januari 2023, ook via erfpacht of opstalrecht; bij een erfenis niet. Het EPC zegt zelf welke werken het meest opbrengen om aan label D te geraken.
Vóór je een nieuwe binnenhuiswaterinstallatie in gebruik neemt, en bij elke belangrijke wijziging: een waterontharder, een zwembad, een nieuwe badkamer, een bijvulsysteem. Die verplichting geldt in Vlaanderen sinds 1 juli 2011. Bij verkoop is geen keuring nodig.

Alles op één bezoek

Renaat en zijn team plannen alle diensten in hetzelfde tijdsblok in. Eén aanspreekpunt, één factuur.

Je datum staat vast

Zodra je boekt, ligt je afspraak vast. Geen wachten op een bevestiging achteraf.

Geen verrassingen achteraf

Je ziet vooraf wat het kost, zodat er na het bezoek geen onverwachte kosten opduiken.